De tijd van het jaar is weer aangebroken waarin het knallen begint. Waarom dat nodig is, is mij geheel niet duidelijk. Toch hoor je regelmatig een knal. Binnen de bebouwde kom is het vuurwerk, buiten de bebouwde kom het jachtgeweer.

Natuurlijk is het soms nodig dat dit ter hand wordt genomen bij overlast, maar wat is overlast? Wanneer is er sprake van schade door wilde dieren? Als er een maiskolf verdwijnt in de maag van een ree? Als er een blad van een koolplant verdwijnt in de bek van een konijn of haas? Wat voor kwaad doet een fazant of patrijs? Ik zou het echt niet weten. Toch sneuvelt er elk jaar een deel van de populatie.

Wat je daarna hoort van dezelfde beheerders: wat is er toch weinig wild. Raar maar waar.

Schieten

Schieten doe ik zelf haast elke dag, gelukkig met het fototoestel. In onze omgeving is er immers genoeg te ontdekken en dat zie je terug in de diverse media. Mensen schieten nu eenmaal graag, zeker nu alles mooi op kleur is. Al kan dat snel voorbij zijn: met enkele graden vorst is het gedaan met het kleurige blad, dat valt dan in rap tempo naar beneden. Paddenstoelen, een geliefd onderwerp voor velen, zie je ineens veel minder, alhoewel er het hele jaar door paddenstoelen voorkomen. Veel mensen gaan in de herfst op stap, en dan is de telefoon een geweldig hulpmiddel om de schimmels vast te leggen. Het onderwerp staat ook nog eens mooi stil en dat is mooi meegenomen.

Vogels

Ook vogels zijn een geliefd onderwerp voor de natuurliefhebber, zeker als het iets bijzonders is. Soms staan er zomaar tientallen fotografen samengepakt om een klein vogeltje vast te leggen op de gevoelige plaat. Zeker in de trektijd wil er wel eens een zeldzaam vogeltje afdwalen. In dit digitale tijdperk blijft dat niet geheim: allerlei sites vermelden haast live waar wat te vinden is. Och, er zijn wel andere dingen waar we ons zorgen om kunnen maken, dus laat maar gaan. Als men maar zorgvuldig omspringt met wat men wil zien, dan is er weinig aan de hand.

Vogeltrek

Eigenlijk is het best bijzonder hoe het precies in elkaar steekt; dat heeft men nog steeds niet ontdekt. Jonge vogels weten precies in welke richting ze moeten vliegen om op plekken te komen waar genoeg voedsel voorhanden is. Vogels die nog nooit een dergelijke reis gemaakt hebben, vliegen toch via routes die al eeuwenlang bestaan. Wonderlijk hoe dit allemaal in elkaar zit: hoe groepen duizenden kilometers vliegen en op de juiste plek terechtkomen. Voor ons geen punt: wij beschikken tegenwoordig over navigatieapparatuur die haast op de centimeter nauwkeurig onze positie bepaalt. De genen van vogels hebben nog veel te verbergen, want ergens moet het toch opgeslagen zitten.

Kou

Als de voorspellingen kloppen, dan zitten we nu in de kou, terwijl u dit leest. Dieren voelen dat nog beter aan dan wij; ze zijn altijd buiten en weten wanneer er geschuild moet worden. Vele dieren zijn dan ook bezig een voorraadje aan te leggen, en vandaar dat je ze nu gemakkelijker ziet. Neem bijvoorbeeld de eekhoorn, die rent van de ene plek naar de andere. Als je goed kijkt, dan zie je dat hij bolle wangen heeft: in zijn bek vervoert hij gevonden vruchten. Eikels, beukennootjes en andere vruchten worden verstopt op diverse plekken. Wordt het extreem koud en ligt er sneeuw, dan gaat de eekhoorn in de ochtend op pad om zijn noodrantsoen terug te vinden. De eekhoorn houdt geen winterslaap, maar heeft een zogenaamde winterrust. Hoog in zijn bolvormige nest trekt hij zich terug in het verzamelde nestmateriaal.

Slakken

Het hele jaar hoor je al verhalen over slakkenoverlast in tuinen, dankzij het vochtige weer. Nu is het de tijd om overlast voor volgend jaar te beperken, maar daarvoor moet u wel op zoek. Onder allerlei materiaal leggen de slakken hun eitjes, vooral op wat vochtige plekken. Onder oud hout, mos, bladeren enzovoort vindt u hoopjes met witte bolletjes. Heeft u veel vogels in de tuin, dan zijn die behulpzaam, want kijk maar eens goed hoe ze te werk gaan. Merels staan bekend als echte spoorzoekers: met hun snavel werken ze allerlei materiaal opzij om bij hun prooi te komen. Kijk zelf eens goed op genoemde plekken, het voorkomt een nieuwe plaag in het vroege voorjaar.

Egel

U heeft er vast al van gehoord: het gaat niet zo goed met de egel. De egel is voor zijn voedsel afhankelijk van een rijk bodemleven, want daar zoekt hij zijn prooi. Hij eet wormen, kevers, slakken, spinnen, kikkers, padden enzovoort. Daarom is het dier gebaat bij een gezonde omgeving. Niet te veel opgeruimd, want juist onder bladeren bevinden zich de verstopplekken voor tal van insecten. De egel kan wormen ruiken tot ongeveer drie centimeter onder de grond, maar hij kan ze ook horen. Verder eet hij ook muizen en hagedissen, maar ook dode dieren; het is een echte opruimer. Vruchten die afgevallen zijn, vormen een mooie aanvulling op zijn menu. De egel houdt een winterslaap. Juist nu zit hij verstopt onder takken of bladeren. De slaap begint bij een temperatuur lager dan twaalf graden. Dus ook hier geldt: laat bladeren liggen of gooi ze tenminste op een hoop achter de struiken. Op een eenvoudige manier draagt u zo bij aan het beschermen van onze kostbare natuur. Alvast bedankt!

Natuurman Christ, Natuurvereniging Ken en Geniet